Kunst die wil en kunst die is over betekenisgeving en de zoektocht naar kracht in het banale binnen de geëngageerde kunst

hoe kunnen kunstenaars maatschappelijke thema’s verbeelden zonder dat het werk louter illustratief of moralistisch leidend wordt? En wat gebeurt er als een werk simpelweg zichzelf blijft? In mijn zoektocht naar openheid van aanpak in geëngageerde kunst stuit ik op een spanningsveld met mogelijkheden in twee uitersten: Je kunt complexiteit toevoegen – een overvloed aan referenties – waardoor het werk zijn eigen leven gaat leiden. Het werk consumeert zichzelf, spuwt zichzelf weer uit; het is een sprong in het diepe, spannend en vol verrassingen. Maar kan hetzelfde gelden voor het tegenovergestelde? Kan iets zo banaal of eenduidig zijn dat het een vergelijkbare kracht bezit? Susan Sontag schreef: “De poging om aan interpretatie te ontsnappen lijkt in het bijzonder kenmerkend voor moderne schilderkunst. Abstract schilderen is een poging om inhoud in de gewone betekenis te vermijden; waar geen inhoud is, is geen interpretatie mogelijk. "Popart werkt met tegenovergestelde middelen naar hetzelfde resultaat; doordat de inhoud daar zo banaal en zo duidelijk ‘zichzelf’ is, wordt deze kunst uiteindelijk ook niet interpreteerbaar.” Kan ook geëngageerde kunst een poging doen oninterpreteerbaar te worden? Kan iets zichzelf zijn in een complexe, niet-lineaire geschiedenis? En wat kan de waarde zijn in het nastreven hiervan? 

Gas Chamber van Luc Tuymans toont een gaskamer en is een treffend voorbeeld van iets dat qua referentie niet complex, zelfs eentonig is, maar toch vanzelfsprekend sociaal geëngageerd. Een ander werk waar ik meteen aan moet denken is Ter Apel van Joyce Overheul. Dit werk beeldt een nieuwsfoto uit met duizenden opgespelde knopen. Toch valt me meteen een groot verschil op: Tuymans’ werk blijft dicht bij zichzelf en biedt ruimte voor interpretatie, terwijl Ter Apel van Overheul juist illustratief is en de toeschouwer richting een specifieke, morele boodschap stuurt. Dit roept de vraag op: wat is het verschil tussen kunst die autonoom blijft en ruimte laat voor meerduidigheid, en kunst die de kijker juist stuurt naar een vooraf bepaalde interpretatie? Met ‘kunst die wil’ bedoel ik werk dat sturend en moralistisch wordt, terwijl ‘kunst die is’ autonoom blijft en openheid biedt voor verschillende betekenissen. voordat ik zelf meer conclussies kan trekken word ik verlijd om te kijken wat de kunstenaars zelf zeggen.

Joyce schrijft gepassioneerd over haar werk: “The way people were and are treated at Ter Apel is a disgrace.” Joyce is geïnspireerd door het activisme, en in oorsprong door de ideeën van Marx: "Art is not a mirror to hold up to society, but a hammer with which to shape it" - Leon Trotsky*  . Ze stuurt ons duidelijk aan in hoe we moeten denken over het werk en de situatie in Ter Apel. We leren van haar hoe slecht het gesteld is, zelfs in ons ‘mooie’ Nederland. Luc daarentegen vertelt in een interview over zijn fascinatie, die wortelt in zijn jeugd tijdens gesprekken over de oorlog aan de eettafel. Hij omschrijft zijn werk als “vooral een vaststelling, niet een vingerwijzing of een moraliserend statement, eerder een feitelijke observatie.” Zou dit verschil in houding ook het verschil in impact verklaren? De kern van dit verschil moet ergens anders liggen, want mijn observatie van het verschil kwam vóór mijn kennis van hun gedachten hierover. Zit het verschil in het gebruikte medium? Zou Joyce’s werk ook meer op zichzelf staan als het geschilderd was?

Hierbij kan ook Ai Weiwei’s gebruik van LEGO-mozaïeken inzicht bieden. In tegenstelling tot Joyce lijkt Ai’s werk, zoals zijn portretten van politieke dissidenten, niet louter illustratief te worden ondanks het rasterachtige medium. Dit zou kunnen liggen aan het feit dat Ai originele beelden en een persoonlijk narratief inzet, waarbij de mozaïekvorm een vormelijk kader biedt zonder de expressie te beperken. Dit werk, hoewel niet banaal en daardoor zichzelf, is toch succesvol vanwege de diepgang van het verhaal. Tegelijkertijd is het minder illustratief, omdat het origineel is – een vertaling van eigen beeld en niet een illustratie van een geleend beeld.

Toch verklaart dit nog niet waarom Tuymans’ werk voor mij meer eentonig is in zijn vaststelling – waarom het subject meer zichzelf mag zijn. Als we aannemen dat houding en medium hier niet bepalend zijn, wat blijft er dan over? Inhoud? Vorm? Luc neemt in zijn schilderstijl veel ruimte voor interpretatie, hij houdt controle over het beeld. Het lijkt te vervagen alsof het uit de geschiedenis glipt – gebleekt, subtiel, maar desondanks indringend. Joyce kiest ook voor een eigen vorm door gebruik van knopen, maar haar keuze voor mozaïek of pixelart biedt weinig ruimte voor expressie, of die wordt in elk geval niet benut. Haar keuze voor knopen was mij aanvankelijk niet duidelijk. Op haar website lees ik: “The buttons represent us as people, as individuals who might look alike but are all unique in our own ways.” Het klinkt misschien als een mooi sentiment, maar voelt vergezocht. Wat bedoelt Joyce met "individuals who might look alike"? Zijn mensen niet juist uniek door hun variatie in zelfexpressie? En wat heeft dit met de situatie in Ter Apel te maken? Probeert Joyce te zeggen dat wij anders zijn dan zij – de vluchtelingen – hoewel we er hetzelfde uitzien? Of wil ze vooral laten zien hoeveel moreel goede ideeën bezit?

Joyce lijkt niet te erkennen dat stijl en inhoud in kunst onlosmakelijk verbonden zijn. De knopen en het idee van “individuals who might look alike" zijn twee losse entiteiten die ze zonder moeite lijkt te verbinden. Het idee dat een kunstenaar deze magie bezit – om zo iets te verheffen tot symboliek – lijkt mij naïef. Een naïviteit van de kunstenaar die niet beseft of er niet in slaagt het object voor zichzelf te laten spreken, het niet zichzelf laat zijn. Het is een hevige onderschatting van de toeschouwer. Susan Sontag herkende al in de jaren 60 dat “Geen van de cultuurcritici die afstemmen van Hegel en Marx heeft ooit het idee willen erkennen van kunst als autonome (dus niet louter historisch te interpreteren) vorm dit idee stond toen nog haaks op de moderne kunst beginnen nu juist worden gedreven door de herontdekking van de kracht (ook de emotionele kracht) van de formele eigenschappen van kunst. Nu 60 jaar later zijn de ideeën van deze cultuurcritici vaak in zijn volledigheid overgenomen door de kunstenaar en de kunstwereld in zijn geheel. de behoefte om meer op een kunstwerk te plakken danul vanzelfsprekend is, lijkt voort te vloeien uit het niet kunnen herkennen van de autonome kunst in zijn kern. De kunst zoals Trotsky zei, moet vormen. En alles lijkt in de strijd gegooid te mogen worden om dit doel te bereiken. 

In het Kunstmuseum Den Haag kom ik het werk van Afra Eisma tegen. Een leuk, speels werk dat ons uitnodigt om te gaan zitten en interactie aan te gaan met het kunstwerk. Ik ben benieuwd waar het over gaat en lees: “De installatie van Afra Eisma biedt een speelse, zachte plek om uit te rusten en samen te komen. Eisma creëert intieme en ongewone omgevingen buiten de grenzen van het gezinshuis: van een huiselijke lounge tot een bijeenkomst rond een kampvuur. Eisma’s verlangen naar warme, uitnodigende ruimtes is een reactie op het toenemende ongemak en de onzekerheid in de huidige maatschappij.’’ Ja akkoord, en dan lees ik verder: “Zo gaan plezier en omarming samen met activisme en reflectie.” Hier gaat het niet, zoals bij Joyce, mis omdat symboliek binnen het werk aan iets wordt gegeven wat het niet is. Nee, hier wordt een werk dat inherent niet activistisch is, op dezelfde wijze 'opgetoverd'**. De installatie van Eisma nodigt uit tot ontmoeting, rust, en gezamenlijkheid, en biedt vooral een persoonlijke, zintuiglijke ervaring. Er is geen directe oproep tot actie, geen aanklacht of politieke boodschap die het werk stuurt richting een bepaald maatschappelijk doel. In tegenstelling tot activistische kunst die bewust de toeschouwer mobiliseert of een specifiek politiek standpunt uitdraagt. Wat me opvalt is dat er niets van dit hele verhaal op de website van Afra staat. Is dit dan de interpretatie van de curator, of van de nieuwe vermeend feministische directeur? 

Het is in ieder geval een naderende stap richting een verklaring voor Joyce’s betekenisgeving op plaatsen waar die niet vanzelf aanwezig is. Deze behoefte is een verlangen om kunst betekenisvoller te maken dan ze daadwerkelijk is, gedreven door een maatschappelijke, politieke of persoonlijke wens om relevantie en gewicht aan het werk toe te voegen. Op zijn best verheft deze aanpak de kunstenaar moreel in de ogen van de kunstwereld, en leidt dat weer tot meer succes. Op zijn minst resulteert het in luie, bevestigende kunst – illustratie vermomd als verzet.

Begrijp mij niet verkeerd: de thematiek die kunstenaars aandragen is relevant en mogelijk interessant, maar we moeten waken voor het kunstmatig opleggen van betekenis waar deze niet is, puur om een punt kracht bij te zetten. Echte betekenis is inherent aan het kunstwerk zelf; het kan niet méér zijn dan wat het in essentie is, en we moeten het ook niet proberen daartoe te forceren. De houding om de wereld te willen verbeteren is moreel mooi (zijn effectiviteit zal nader onderzocht moeten worden), maar als maker moet je hier voorzichtig mee omgaan, want voor je het weet tover je betekenis tevoorschijn die er van nature niet is. Blijf jezelf afvragen of dit werkelijk is wat je wilt, of dat het vooral iets is waarvan je denkt dat de kunstwereld het van je verwacht. Juist in een kunstwereld waar sociale thema’s urgenter lijken dan ooit, moeten we kritisch blijven: worden deze thema’s echt vanuit het werk geboren, of slechts opgeplakt uit verwachting? Uiteindelijk kan alleen werk dat trouw blijft aan zichzelf, werkelijk sentiment met zich meedragen.

Het voelt van belang – en misschien wel als de enige logische vervolgstap – om zelf een kunstwerk te creëren en zo te onderzoeken of het banale daadwerkelijk kracht kan hebben binnen mijn praktijk. Ik presenteer het concept kamervragen_per_land. Dit werk toont het aantal Kamervragen dat in de afgelopen vijftien jaar in de Tweede Kamer is gesteld over elk specifiek land. De data wordt gevisualiseerd met vlaggetjes. Op het eerste gezicht lijkt het misschien niet te passen in dezelfde categorie als de werken van Joyce en Luc, maar ik zou willen stellen dat het wel degelijk dezelfde kracht onderzoekt – alleen via een andere methode. Niet door de eentonigheid van het beeld, maar door de eentonigheid van de data.  Is het werk illustratief? Ja, in oorsprong. Maar kan het meer zijn? Kan eenvoudige data – in zijn eenzijdigheid – op dezelfde manier een neutrale schoonheid bieden als de schilderijen van Luc?

De Kamervragen per land worden zonder expliciet moreel oordeel gepresenteerd. Ik hoop dat de data in eerste instantie ‘zichzelf mag zijn’, zodat de beschouwer ruimte krijgt voor een eigen interpretatie. Toch blijft de vraag: Kan een kunstwerk werkelijk neutraal zijn? Maak ik als maker, ondanks dit streven naar objectiviteit, niet alsnog sturende keuzes door selectie, vormgeving en presentatie? Al bij een simpele keuze – zoals de ingevulde vraag of Nederland in deze statistiek thuishoort – beïnvloed ik de betekenis. Is het relevant om te tonen hoe vaak we over onszelf praten, als het gaat over aandacht voor (andere) landen? Of wordt ook dát al snel een sturende keuze? Misschien is volledige neutraliteit in kunst een illusie. Het lijkt mij relevant om deze vragen te blijven onderzoeken in een wereld vol moreel gedreven kunst.

 

*Russian Marxist, intellectual, and revolutionary 
** verheven door middel illusie
*** volkskrant Kunstmuseum Den Haag krijgt met Margriet Schavemaker een feministische directeur die de hele stad wil bereiken: Per 1 juni wordt ze directeur van het Kunstmuseum Den Haag, waar ook het Fotomuseum Den Haag, de tentoonstellingsruimte KM21 en het museum Escher in het Paleis onder vallen. Ze volgt Benno Tempel op, die directeur is geworden van het Kröller-Müller Museum. Tegencultuur, feminisme, nieuwe media, diversiteit en inclusie zijn de steekwoorden waarmee ze zichzelf typeert.

back



























visualisatie kamervragen_per_land door middel van python script